|
HEILIGING Voordat
we ons gaan bezig houden met de wederkomst van Jezus Christus,
allereerst een oproep. Een bijbelse oproep om je bezig te houden met
God en zijn woord. Dat is heel belangrijk in de tijd waarin we nu
leven, zoals je zult merken als je leest wat er in de bijbel over
geschreven wordt. Wanneer je acht slaat op de dingen die vandaag de
dag gebeuren, moeten juist de gelovigen gaan staan in het geloof. Er
slapen veel gelovigen. (Als je slaapt dan lig je, maar je moet wakker
worden en gaan staan.) Daarom staan we eerst stil bij deze belangrijke
bijbelse oproep.
Luc 21: 28 (rede over de laatste dingen) Wanneer
deze dingen beginnen te geschieden, richt u op en heft uw hoofden
omhoog, want uw verlossing genaakt. We moeten dus alert zijn en
blijven en ons op God richten.
Onze verlossing
‘genaakt’, dat betekent dat we deze verwachten.
We moeten de
wederkomst niet loskoppelen met onze levenswandel.
Het is belangrijk
je te realiseren dat je heel theoretisch over de wederkomst kunt
spreken, maar als je er niet naar handelt en wandelt, heb je er
eigenlijk niets aan. Het gevaar dreigt dat je verwaand wordt door de
kennis die je hebt verkregen, je kunt elkaar daar mee om de oren
slaan. Maar… het moet een deel van je worden. Als je bij de
Heer hoort, hoor je bij de Gemeente van de Here Jezus. Je moet je
oprichten, je hoofd opheffen, gaan staan in het geloof en je klaar
maken om je Heer te ontmoeten.
Rom 13: 11-12 Gij verstaat immers de tijd wel,
dat het thans voor u de ure is om uit de slaap te ontwaken. Want het
heil is ons nu meer nabij dan toen wij tot het geloof kwamen. De nacht
is ver gevorderd, de dag is nabij. Laten wij dan de werken der
duisternis afleggen en aandoen de wapenen des lichts! Laten
we ons dus oprichten tot God en niet onze aandacht laten afleiden door
wereldse zaken. We moeten de wapenen des lichts aandoen, want de
morgen komt eraan. Nu leven we in de nacht, deze is ver gevorderd. Hoe
verder de nacht gevorderd is, hoe langer het zonlicht weg is, hoe
donkerder het is; dat betekent: hoe meer zonde er heerst.
Ef 4: 17-24 Dit zeg ik dan en betuig ik in de
Here, dat gij niet langer moogt wandelen zoals ook de heidenen
wandelen, in de ijdelheid van hun denken, verduisterd in hun verstand,
vervreemd van het leven Gods om de onwetendheid, die in hen heerst, om
de verharding van hun hart. Zij hebben zich immers in hun verdoving
overgegeven aan losbandigheid om gretig winst te slaan uit allerlei
onreinheid. Maar gij geheel anders: gij hebt Christus leren kennen.
Gij hebt toch van Hem gehoord en zijt in Hem onderwezen, gelijk dit de
waarheid is in Jezus, dat gij, wat uw vroegere wandel betreft, de oude
mens aflegt, die ten verderve gaat, naar zijn misleidende begeerten,
dat gij verjongt wordt door de geest van uw denken, en de nieuwe mens
aandoet, die naar de wil van God geschapen is in waarachtige
gerechtigheid en heiligheid. Dit betekent dat we onze oude
menselijke natuur, als oude kleren, uit moeten trekken en de nieuwe
natuur, in Christus, aantrekken.
We moeten in deze
tijd onze verantwoordelijkheid nemen en ons nog meer afzonderen (=
heiligen).
Openb 22:
11 (over de tijd die vooraf gaat aan de wederkomst) Wie
onrecht doet, hij doet nog meer onrecht; wie vuil is, hij worde nog
vuiler; wie rechtvaardig is, hij bewijze nog meer rechtvaardigheid;
wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd. Dit zegt de Here
Jezus tegen de Gemeente.
Ieders
eigenschappen worden in de tijd voor de wederkomst, nog intenser.
We moeten worden
vervuld met de waarheid en daarin groeien.
Kolos 1: 9b
t/m 14...dat gij met de rechte kennis van zijn wil vervuld
moogt worden, in alle wijsheid en geestelijk inzicht, Paulus bidt hier
om ware kennis van Gods wil, door alle wijsheid en geestelijk inzicht
om… om de Here waardig te wandelen, Hem in alles te behagen, in
alle goed werk vrucht te dragen en op te wassen in de rechte kennis
van God. (Met opwassen wordt ‘groeien’ bedoeld.) Nu volgt een
geweldige belofte daarop: Zo wordt gij met alle kracht bekrachtigd
naar de macht zijner heerlijkheid tot alle volharding en geduld,
en dankt gij met blijdschap de Vader, die u toebereid heeft
voor het erfdeel der heiligen in het licht. (1 Kor 2:
9 Maar, gelijk geschreven staat: Wat geen oog heeft gezien
en geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen, al
wat God heeft bereid voor degenen, die Hem liefhebben.)!!!
Je moet daarom
steeds de Vader danken voor datgene wat hij voor jou in petto heeft. Hij heeft ons
verlost uit de macht der duisternis en overgebracht in het Koninkrijk
van de Zoon zijner liefde, in wie wij de verlossing hebben, de
vergeving der zonden.
Nog even over
‘het erfdeel der heiligen’: denk eraan, wie heilig is wordt nog
heiliger, want vlees en bloed kunnen het koninkrijk van God niet beërven
(1 Kor 15: 50 Dit spreek ik evenwel uit, broeders:
vlees en bloed kunnen het Koninkrijk Gods niet beërven en het
vergankelijke beërft de onvergankelijkheid niet)
En zoals een
ander bijbelgedeelte zegt: zonder heiliging kunnen we de Here niet
zien. (Hebr 12: 14 Jaagt naar vrede met allen en naar
de heiliging, zonder welke niemand de Here zal zien.)
Hoe meer je weet
dat de Heer komt voor zijn Gemeente, des te groter is je
verantwoordelijkheid. Dan moet de Heilige Geest je dringen om je nog
meer af te zonderen (heiligen). Als je verlost
bent, dan heb je vergeving van zonden ontvangen door zijn bloed, dan
ben je verlost uit de macht der duisternis en reeds overgebracht in
het koninkrijk van de ‘zoon zijner liefde’. Ons gebed is heel
belangrijk: “uw Koninkrijk kome”; daar zien we naar uit, dat is
onze grote hoop.
In deze
bijbeltekst lezen we een oproep om nog méér te leven naar Gods wil:
1 Tess 4: 1
t/m 12 Voorts dan, broeders, vragen wij en vermanen wij u
in de Here Jezus, dat gij, zoals gij van ons vernomen hebt, hoe gij
moet wandelen en Gode behagen, zoals gij ook inderdaad wandelt, dat
nog meer doet. Want gij weet, welke voorschriften wij u gegeven hebben
door de Here Jezus. Want dit wil God: uw heiliging, dat gij u onthoudt
van de hoererij, dat ieder uwer in heiligheid en eerbaarheid zijn vat
wete te verwerven, niet in hartstochtelijke begeerlijkheid, zoals ook
de heidenen, die van God niet weten, en dat men zijn
broeder niet slecht behandele of bedriege in deze zaak, want de
Here is een wreker van dit alles, zoals wij u ook vroeger gezegd en
nadrukkelijk betuigd hebben. Want God heeft ons niet geroepen tot
onreinheid, maar in heiliging. Daarom, wie dit verwerpt, verwerpt niet
een mens, maar God, die u immers ook zijn Heilige Geest geeft. Over de
broederliefde is het niet nodig u te schrijven…Maar wij vermanen u,
broeders, dit nog veel meer te doen, en er een eer in te stellen
rustig te blijven en uw eigen zaken te behartigen en met uw handen te
werken, zoals wij u bevolen hebben, opdat gij u behoorlijk gedraagt
ten aanzien van hen, die buiten staan, zonder iets nodig te hebben.
Kolos
3 : 1 t/m 3
Indien gij dan met Christus opgewekt zijt,
zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, gezeten aan de
rechterhand Gods. Bedenk de dingen, die boven zijn, niet die op de
aarde zijn. Want gij zijt gestorven en uw leven is verborgen met
Christus in God.
|
|
VERWACHTING We
leven nu nog in een bezette wereld. Zijn koningschap in deze wereld
gaat nog komen, dat verwachten wij. Zoals we ook bidden: Zijn
koninkrijk kome.
Tit 2: 11 t/m 15
Want de genade Gods is verschenen, heilbrengend voor alle mensen, om
ons op te voeden, zodat wij, de goddeloosheid en wereldse begeerten
verzakende, bezadigd, rechtvaardig en godvruchtig in deze wereld
leven, verwachtende de zalige hoop en de verschijning der heerlijkheid
van onze grote God en Heiland, Christus Jezus, die Zich voor ons heeft
gegeven om ons vrij te maken van alle ongerechtigheid, en voor Zich te
reinigen een eigen volk, volijverig in goede werken.
Spreek hiervan,
vermaan en weerleg met alle nadruk: niemand mag u verachten.
Hier wordt eerst
terug gegrepen naar de eerste komst van de Here Jezus, toen Hij het
heil bracht voor alle mensen; want Hij is voor de verzoening van de
zonden van iedereen naar de aarde gekomen, destijds. Hij heeft aan het
kruis de verlossing gebracht, dat is voltooid. Dat is het centrale
punt in de wereldgeschiedenis: Het Kruis. Verder gaat het
over de tweede komst van Jezus, want we zijn daarover nog in
‘verwachting’. We leven
momenteel tussen de eerste komst en de tweede, de wederkomst. We
moeten in een adventshouding leven. Gelovigen door alle eeuwen heen
horen steeds te verwachten dat de Here Jezus komt. Naarmate de komst
dichterbij komt, zien we meer dingen geopenbaard worden, zodat je
denk dat Hij nu elk ogenblik kan komen. Maar dat dachten ze in de
dagen van Paulus ook! En waarom was dat zo: omdat de hoop daarop hun
kracht was (in de moeilijke tijd waarin ze leefden), om te volharden.
Ze dachten over wat keizer Nero deed aan christenvervolgingen, dat dat
het ergste was wat ze kon overkomen. Daarom verwachtten zij dat de
Here Jezus spoedig zou komen. Later zien we steeds meer dat de bijbel
de tekenen der tijden openbaard; daarbij kun je denken aan Israël.
Terugkijkend kun je zeggen dat Jezus toen nog niet terug kón komen,
maar die visie hadden ze toen nog niet.
Je ziet dus dat
de Here Jezus de eerste keer komt in de gestalte van een dienstknecht
en absoluut nog niet als koning! Zelfs als men Hem tot koning wil
maken, wijst Hij dat af. Denk maar aan de intocht in Jeruzalem op
palmpasen. Op dat moment denken de mensen dat Jezus de Romeinen gaat
wegjagen en dat hét koninkrijk komt! Maar nee, zijn Koninkrijk kwam
nog niet. Ook Israël zag daarnaar uit, want als het Koninkrijk komt,
is Israël ‘het hoofd der naties’. Maar Jezus pakt een ezel, een
lastdier; om te laten zien de Hij eerst de lasten gaat dragen, de
zonden van de mensen. Het ‘hosanna’ is nog niet aan de orde. Bij de tweede
komst, de wederkomst, komt Hij in heerlijkheid. Dan zien we een hele
andere Here Jezus. Maar dat gaan we in volgende hoofdstukken verder
onderzoeken.
Hebr 9: 28
Zo zal
ook Christus, nadat Hij zich eenmaal geofferd heeft om veler zonden op
zich te nemen, ten tweede male zonder zonde aanschouwd worden door
hen, die Hem tot hun heil verwachten.
Dat is iets
geweldigs: bij zijn eerste komst droeg Hij de zonden der wereld en bij
de eerste fase van de wederkomst, ontmoet Hij de zijnen. En de zijnen
zijn op dat moment: zonder zonde! (Je kunt het haast niet bevatten).
Want we zullen zijn gelijk Hij is (1 Joh 3: 2
Geliefden, nu zijn wij kinderen Gods en het is nog niet
geopenbaard, wat wij zijn zullen; maar wij weten, dat, als Hij zal
geopenbaard zijn, wij Hem gelijk zullen wezen; want wij zullen Hem
zien, gelijk Hij is.) Het is een geweldig heil, voor diegenen die Hem
tot hun heil verwachten. Daarom is het enorm belangrijk dat we gaan
staan en onze hoofden omhoog heffen, want onze verlossing
‘genaakt’. En de tekenen moeten je wakker schudden. Niet alleen de
wereld raakt in rep en roer, en bereid zich voor op iemand die
moeilijke zaken op gaat lossen. Dat zal de antichrist zijn, hij weet
straks de oplossingen. Dat weten de hedendaagse volkeren nog niet, nu
is het nog geweld op geweld. Maar straks komt er één die denkt dat
hij vrede kan brengen. Je kunt je voorstellen dat iedereen die persoon
omarmt. Diegene die (tijdens de bare tijden die er op aarde zijn) weet
hoe hij alle volkeren, wereldwijd tot elkaar kan brengen, alle
groeperingen en godsdiensten. Hij verkondigd dat hij vrede kan maken
en dat gaat gepaard met grote wonderen en tekenen.
Maar…wij
verwachten ons heil van boven, een hele andere Heiland. Het is
belangrijk dat we de verlossing van de Here Jezus verwachten!
Kinderen van God
moeten waakzaam kijken naar de gebeurtenissen in de wereld. Als er erge
gebeurtenissen plaatsvinden, zoals de ramp in Amerika (11 sept 2001)
bijvoorbeeld, dan reageren ongelovigen daarop (als ze weten dat je in
God geloofd) door te vragen: “Is dat nu jouw God?”. En : “Als
God bestaat, waarom laat Hij dit toe?”. Geloven we in een
God die nu regeert en dit allemaal toelaat? We zingen zelf vaak “de
Heer regeert”. Hoe kunnen we die verschrikkelijke dingen dan
verklaren. We moeten ons beseffen dat dat in het bijbelse perspectief
gezien moet worden. Want als God nu regeert, dan zouden dit soort
rampen niet gebeuren. Maar we wonen nu nog in bezet gebied. De overste
der wereld (= de duivel) regeert nu nog. Zoals je kunt weten als je
eraan denkt dat de duivel zijn koninkrijken aanbood aan de Here Jezus,
toen deze op aarde was, in de woestijn. De Here Jezus hoefde maar voor
hem te knielen en hem te aanbidden en Hij zou alles ontvangen uit zijn
hand. Jezus reageerde daarop met wijsheid, nl. door te zeggen dat je
alleen de Here God zult aanbidden.
Dit is te lezen
in Matt 4: 8 t/m 10 Wederom nam de duivel Hem mede naar een zeer hoge
berg en hij toonde Hem al de koninkrijken der wereld en hun
heerlijkheid, en zeide tot Hem: Dit alles zal ik U geven, indien Gij U
nederwerpt en mij aanbidt. Toen zeide Jezus tot hem: Ga weg, satan! Er
staat immers geschreven: De Here, uw God, zult gij aanbidden en Hem
alleen dienen. Maar… wij
verwachten de grote shalom: het vrederijk van gerechtigheid. Wanneer
de Here Jezus op de grote Davidstroon gaat zitten om zijn koningschap
op te nemen en te regeren. Momenteel zijn
wij zijn nog vreemdelingen en bijwoners.
Zie 1 Petr 2: 11
Geliefden, ik vermaan u als bijwoners en vreemdelingen,( dat gij u
onthoudt van de vleselijke begeerten, die strijd voeren tegen uw
ziel;) We zijn geen
burgers van dit koninkrijk hier en nu; zoals Jezus zijn discipelen ook
leerde bidden, in Matt 5: 10: “uw Koninkrijk kome” en vervolgend
“uw wil geschiede”. Gods wil zal dan tot uitvoer worden gebracht
“in de hemel en op de aarde”.
Wij verwachten de
verlossing. Je kunt God niet de schuld geven van de verschrikkelijke
rampen. (Zoals in de tweede wereld oorlog Nederland bezet was, kon je
de toenmalige Nederlandse regering die in Canada en in Londen
verbleef, niet de schuld geven van wat hier gebeurde.)
Het geweld neemt
toe momenteel, ook in ons land. En het zal alleen maar erger worden zo
leert de bijbel.
Matt 24: 37 t/m
39 Want zoals het was in de dagen van Noach, zo zal de komst van de
Zoon des mensen zijn. Want zoals zij in die dagen voor de zondvloed
waren, etende en drinkende, huwende en ten huwelijk gevende, tot op de
dag, waarop Noach in de ark ging, en zij niets bemerkten, eer de
zondvloed kwam, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn.
Het was als volgt
in de tijd van Noach: Gen 6: 11, 12
(ten tijde van Noach) De aarde nu was verdorven voor Gods aangezicht,
en de aarde was vol geweldenarij. En God zag de aarde aan, en zie, zij
was verdorven, want al wat leeft had zijn weg op de aarde verdorven.
1 Tim 6: 15, 16 (vs
14 …dat gij dit gebod onbevlekt en onberispelijk handhaaft tot de
verschijning van onze Here Jezus Christus, ) welke te zijner tijd de
zalige en enige Heerser zal doen aanschouwen, de Koning der koningen
en de Here der Heren, die alleen onsterfelijkheid heeft en een
ontoegankelijk licht bewoont, die geen der mensen gezien heeft of zien
kan. Hem zij eer en eeuwige kracht! Amen. Straks, kunnen we
door de Here Jezus wel in dit licht komen. Maar vlees en bloed kunnen
dat niet. Daarom weten we dat wij, als de Here Jezus terug komt, Hem
niet alleen maar kunnen zien, maar… we zullen ook aan Hem gelijk
worden!
We lezen in Openb
22: 17a En de Geest en de
bruid zeggen: Kom! (De bruid staat
symbool voor de Gemeente.)
Alleen als je er
klaar voor bent zeg je: “kom”, als je er niet klaar voor bent,
hoop je dat het nog niet komt.
Openb 22: 17b
En
wie het hoort zegge: Kom! En wie dorst heeft, kome en wie wil neme het
water des levens om niet. Wat heerlijk zal
het zijn als tijdens het komende vrederijk, de Here Jezus op aarde
komt en alle tranen zal afwissen, daar moeten we allemaal naar
uitzien, zeker de gelovigen.
Kolos 3 : 4
Wanneer Christus verschijnt, die ons leven is, zult ook gij met Hem
verschijnen in heerlijkheid.
In deze tekst
staat al een onvoorstelbare toekomstbelofte. Maar daarover zullen we
het in volgende hoofdstukken gaan hebben. God roept ons op, om zo deel
te krijgen aan wat Hij voor ons in de toekomst heeft weggelegd.
|