|
Massale
vermissingen |
|
|
4-1.
WAT VOLGT?
|
|
[<< Hoofdstuk 3] [Wereldleider]
[Oorlog] [Hongersnood]
[Sterfte] [Aardbeving]
[Bescherming] [Nieuw
gelovigen] [Bazuinen] [Twee
getuigen] [Hoofdstuk 4-2
>>]
|
|
Na de verdwijning
van miljoenen mensen wereldwijd, breekt op een gegeven moment (hoelang
ertussen zit is onbekend) een periode aan van zeven jaar. Deze periode
begint met het aan de macht komen van een groot wereldleider.
Deze periode van zeven jaar wordt in de bijbel - voor de gelovigen - aangeduid als de
‘verdrukking’ en wordt onderverdeeld in twee keer drieënhalf
jaar. De laatste drieënhalf jaar verslechtert de situatie op aarde
sterk. Deze laatste periode wordt in de bijbel dan ook aangeduid als
‘de gróte verdrukking’. Voor mensen die ná de massale
vermissingen tot geloof in God en Jezus Christus zijn gekomen (de
nieuw gelovigen/pasbekeerden) wordt het in deze periode moeilijk om
aan het gewone leven deel te nemen. Mensen die (nog)
niet tot geloof in God zijn gekomen wil God tijdens deze periode
wakker schudden. Het klinkt u misschien vreemd in de oren, maar…
| ...dit is Gods
laatste poging om de aandacht te trekken van al die mensen die Hem tot
nog toe genegeerd hebben.
|
God wil iedereen
nog één kans geven om zich tot Hem en tot Christus te keren voor
verlossing, en zich af te keren van de waanzinnige aardse jacht op
genot en macht.
|
|
EEN
WERELDLEIDER - SCHIJNVREDE
| De bijbel waarschuwt ons ernstig voor een groot
leider, die zal opstaan, die vrede en veiligheid zal beloven voor de
hele wereld. Hij zal grote tekenen en wonderen doen, zodat velen hem
zullen beschouwen als door God gezonden. Veel mensen zullen hem
achterna lopen. Maar hij blijkt een bedrieger te zijn.
|
God heeft een
plan met deze wereld. Het heeft heel lang geduurd voordat deze periode
van toorn aanbrak (zoals steeds ter afsluiting van een tijdperk), want Hij wilde dat zoveel mogelijk mensen tot
geloof in Hem zouden komen in de voorafgaande periode van ‘niet zien
en toch geloven’. Maar wanneer de massale vermissingen een feit
zijn, dan zal deze nieuwe periode zijn ingeluid. In het bijbelboek
Openbaring staat beschreven welke oordelen God over de wereld zal
laten komen, te beginnen bij de ‘zeven zegels’. Wanneer de Here
Jezus (= het Lam) het eerste zegel opent zal een groot leider (de
antichrist) aan de macht komen. Dit is te lezen in: Openb 6: 1, 2
En
ik zag, toen het Lam een van de zeven zegels opende, en ik hoorde een
van de vier dieren zeggen met een stem als van een donderslag: Kom! En
ik zag, en zie, een wit paard, en die erop zat, had een boog en hem
werd een kroon gegeven, en hij trok uit, overwinnende en om te
overwinnen.
God staat het
deze persoon toe zeven jaar lang te heersen, zonder de tegenhouder (=
de Heilige Geest) die hem weerstand kan bieden. (De Heilige Geest
woont in de mensen die een relatie met Jezus hebben en die zijn op dat
moment niet meer op de aarde, deze zijn opgenomen in de hemel.) Lees
over de tegenhouder en de wereldleider in:
2 Tess 2: 1 t/m 7
(GNB) Broeders en zusters, in verband met de komst van onze Heer Jezus
Christus en onze hereniging met hem, vragen we u: verlies niet zo snel
uw bezinning en raak niet meteen in opwinding als men op grond van een
profetie, een bepaalde uitspraak of een brief die van ons afkomstig
zou zijn, beweert dat de dag van de Heer is
gekomen.
Laat u door
niemand iets wijs maken. Want eerst moet de grote afvalligheid
plaatsvinden en moet de mens verschijnen die de wetteloosheid in
persoon is en die tot de ondergang is gedoemd. Hij verzet zich tegen
alles wat god heet of vereerd wordt. Hij stelt zich er zelfs boven
door plaats te nemen in de tempel van God en zich tot God uit te
roepen. Herinnert u zich niet dat ik u dit vertelde toen ik nog bij u
was? U weet dus al wat hem tegenhoudt. Hij zal zich pas vertonen als
het zijn tijd is. De wetteloosheid is in het geheim al aan het werk;
het wachten is alleen op de verdwijning van de kracht die de Wetteloze
nog tegenhoudt.
Als de
gemeente van Christus net van de aarde is weggenomen is er nog wel
geloof, maar niet meer het ware geloof (in Christus). Er zal één
godsdienstig stelsel komen waaruit de antichrist voort komt.
Bijbeltekst over de wereldleider:
Joh 5:43
(Jezus zegt:) Ik
ben gekomen in de naam mijns Vaders en gij neemt Mij niet aan ; indien
een ander komt in zijn eigen naam, die zult gij aannemen.
Nog een
bijbeltekst over deze bedrieger: 2 Tess 2: 8 t/m 11 (GNB)
Op dat
moment zal de Wetteloze zelf tevoorschijn komen, maar als de Heer
Jezus komt, zal die hem doden met de adem uit zijn mond en hem
vernietigen door zijn verschijning. In de komst van de Wetteloze is de
kracht van Satan zichtbaar: zijn verschijning zal vergezeld gaan van
allerlei machtsvertoon, bedrieglijke tekens en wonderen, en van
allerlei misdadig bedrog. Zij die verloren gaan, worden erdoor
misleid, want zij hebben zich niet opengesteld voor de liefde tot de
waarheid, wat hen had kunnen redden. Daarom slaat God hen met
verblinding, zodat zij geloof hechten aan de leugen.
Deze grote
leider is de antichrist. Hij gaat dé oplossing brengen voor vrede in
het Midden Oosten. Er zal een periode van schijnvrede zijn. Hij doet
grote wonderen en tekenen en hij profileert zich als een heel vroom
mens, als dé christus. Velen worden daardoor misleid en willen deze
persoon verheerlijken. Men zal idolaat van hem zijn. De joden denken
dat hij de langverwachte Messias is, omdat hij ook de tempel in
Jeruzalem gaat herbouwen.
|
|
[top]
|
|
OORLOG - HET
TWEEDE ZEGEL Nadat de antichrist aan de macht is gekomen, volgt, op
bevel van het Lam (Jezus Christus), de opening van het tweede zegel.
Op Gods tijd wordt openbaar voor wie de antichrist werkelijk werkt, nl.
voor de duivel. De schijnvrede wordt weggenomen, er komen oorlogen die
voor scheiding zorgen: burgeroorlogen, verdeeldheid in gezinnen enz.
Dit staat
geschreven in:
Openb 6:
3, 4 En toen Hij het tweede zegel opende , hoorde ik het tweede dier
zeggen : Kom! En een tweede, een rossig paard, kwam , en hem, die erop
zat, werd gegeven de vrede
van de aarde weg te nemen, en dat zij elkander zouden slachten, en hem
werd een groot zwaard gegeven.
|
|
HONGERSNOOD - HET
DERDE ZEGEL Het verschil tussen arm en rijk wordt steeds groter. Er
komen zwarthandelaren die ervoor zorgen dat het dagelijkse voedsel
verkocht wordt tegen woekerprijzen. De rijken worden vooralsnog
gespaard, want de luxe artikelen (olie en wijn) moeten op dit tijdstip
nog ongemoeid blijven. Lees dit in: Openb 6: 5, 6 (GNB)
Toen het Lam het derde zegel verbrak, hoorde ik het derde wezen
roepen: ‘Kom!’ Ik zag een zwart paard verschijnen; zijn berijder
had een weegschaal in zijn hand. Ik hoorde een stem uit het midden van
de vier wezens zeggen: ‘Een schep tarwe voor een zilverstuk en drie
scheppen gerst voor een zilverstuk, maar laat olijfolie en wijn
ongemoeid.' De
weegschaal staat symbool voor de economische wantoestand. Men moet
afgepast omgaan met het weinige voedsel wat er nog is. (Let op de
tegenstelling met de Here Jezus, Hij zegt: “eet en wordt
verzadigd”, dit staat lijnrecht tegenover: “weeg en je komt
tekort”.)
|
|
EEN
VIERDE DEEL STERFT - HET VIERDE ZEGEL
Openb 6: 7, 8 (GNB)
Toen het
Lam het vierde zegel verbrak, hoorde ik het vierde wezen roepen:
‘Kom!’ Ik zag een paard verschijnen, dat groen was. Zijn berijder
heette de Dood en het dodenrijk kwam achter hem aan. Hij kreeg de
macht om een vierde deel van de aarde om te brengen door het zwaard en
door hongersnood, pest en wilde dieren.
Zodra hem de
macht gegeven wordt om te doden, gaat de antichrist deze direct
gebruiken: een vierde deel van de mensen van de aarde sterft. Dat is
een grote hoeveelheid. God laat dit toe... terwijl Hij
alle (ook deze)
mensen zo graag bij Zich genomen had, maar ze hadden Hem massaal
afgewezen.
Gelukkig zijn er
ook mensen die in deze periode de Here Jezus alsnog aannemen als hun
verlosser. De kans
om te sterven bestaat voor hen nog steeds, maar wanneer zij sterven
zullen ze bij Jezus zijn.
|
|
HET VIJFDE ZEGEL
Het vijfde
zegel heeft geen betrekking op de mensen op aarde, dus behandelen we
dat hier niet.
|
|
[top]
|
|
GROTE
AARDBEVING - HET ZESDE ZEGEL Over het zesde zegel lees je in de
bijbel hetvolgende:
Openb. 6: 12 t/m
17 (GNB) Ik zag het Lam het zesde zegel verbreken. Er volgde een
zware aardbeving; de zon werd zwart als een rouwkleed en de maan werd
helemaal rood, als bloed. De sterren van de hemel vielen op aarde neer
als vijgen die door een stormwind van de boom worden geschud. Het
uitspansel verdween als een stuk papier dat wordt opgerold, en alle
bergen en eilanden werden van hun plaats gerukt. Koningen der aarde,
edelen, legeraanvoerders, rijken en machtigen, en alle andere mensen,
slaven en vrije burgers, verborgen zich in de spelonken en tussen de
rotsen in de bergen. En ze riepen tot de bergen en de rotsen: ‘Val
op ons neer en verberg ons voor de blik van hem die op de troon is
gezeten en voor de toorn van het Lam! Want de grote dag van hun wraak
is aangebroken, en wie kan dan staande blijven?’
Letterlijk
vertaalt staat er niet ‘aardbeving’ maar ‘aardschudding’. Een
aardbeving is meestal plaatselijk, maar het hier gebruikte woord
betekent dat er een aardbeving komt die alle continenten zal treffen.
Een schudding die de aarde en de lucht daaromheen (aangeduid als
‘hemel’) doet beven. Er zal een verschrikkelijke meteorietenregen
neerkomen, omdat de hemel (bedoeld wordt: de luchtlagen om de aarde
heen) als een boekrol worden opgerold.
Van iedereen die
met God niets te maken wilde hebben tot dan toe, wordt de hoogmoed
neergeslagen. Deze mensen beseffen dat de aardschudding van God komt
en daarom vragen zij de bergen om op hen te vallen, om hen te
verbergen voor God. Iedereen komt, op dit moment, tot erkenning dat de
toorn van God over hen gekomen is.
|
Iedereen
die tot God zal roepen/bidden zal behouden worden! Dat betekent niet dat die personen
de garantie hebben dat ze op dat moment in leven zullen blijven,
maar wanneer zij sterven zullen zij bij God zijn.
|
|
|
BESCHERMING
Onder de eerste
vier zegels en het zesde zegel zijn natuurkrachten losgelaten, maar
straks onder het zevende zegel zullen krachten van de hel losgelaten
worden. Dit is zo onvoorstelbaar vreselijk, dat God eerst zijn
dienaren gaat verzegelen. Dat staat in:
Openb 7: 1 t/m 3
(GNB) Daarna zag ik aan de vier hoeken van de aarde vier engelen
staan. Ze hielden de vier winden van de aarde in bedwang, zodat er
geen wind zou waaien over land en zee, en er geen blad zou bewegen.
Een andere engel zag ik uit het oosten opstijgen met het zegel van de
levende God. Tegen de vier engelen die de macht hadden gekregen om
schade toe te brengen aan het land en de zee, riep hij luid: ‘Breng
geen schade toe aan land, zee en bomen, voordat wij het zegel
aangebracht hebben op het voorhoofd van de dienaren van onze God.’
In het grieks (de
oorspronkelijke taal van dit gedeelte van de bijbel) is het woord voor
‘wind’ hetzelfde als voor ‘geest’. Je kunt ervan uit gaan dat
met de vier winden geestelijke winden worden bedoeld en geen natuurlijke. Voordat deze boze
geestelijke machten worden losgelaten, verzegeld God zijn dienaren.
Hij maakt ze onaantastbaar. Wie dat zijn is te lezen in:
Openb 7: 4 En ik
hoorde het getal van hen, die verzegeld waren:
honderdvierenveertigduizend waren verzegeld uit alle stammen der
kinderen Israëls.
Waarschijnlijk
gaat het hier om Israëlieten die als eersten tot geloof zijn gekomen
in Jezus Christus en die zijn Geest hebben ontvangen als verzegeling.
Zij gaan de wereld vertellen dat er redding is door de Here Jezus. Het
evangelie (de goede boodschap over Jezus de redder) gaat wereldwijd
weer klinken.
|
|
NIEUW
GELOVIGEN Velen uit de volken/heidenen (die achtergebleven zijn
na de vermissingen, en die niet tot het joodse volk behoren) zullen
tot geloof komen. (Velen van hen zullen sterven voor dit geloof). Dat
wordt duidelijk wanneer je de volgende bijbeltekst leest:
Openb 7: 9 t/m 17
(GNB) Daarna zag ik een grote menigte; niemand kon haar tellen. Ze
kwamen uit alle rassen, stammen, volken en talen en stonden opgesteld
voor de troon en voor het Lam, gehuld in witte gewaden en met
palmtakken in de hand. Ze riepen luid: ‘De overwinning is aan onze
God, die op de troon is gezeten, en aan het Lam!’ Rondom de troon,
de oudsten en de vier levende wezens stonden alle engelen en ze
wierpen zich voor de troon en aanbaden God: ‘Amen! Lof, glorie en
wijsheid, dank en eer, macht en kracht komen onze God toe voor altijd,
voor eeuwig. Amen!’ Een van de oudsten richtte zich tot mij en
vroeg: ‘Wie zijn dat in die witte gewaden en waar komen ze
vandaan?’ Ik antwoordde: ‘Mijn heer, dat weet.’ Toen zei hij:
‘Dat zijn de mensen die de grote verdrukking hebben doorstaan en in
het bloed van het Lam hun gewaad hebben witgewassen. Daarom staan zij
voor de troon van God en dienen ze hem dag en nacht in zijn tempel.
Hij die op de troon is gezeten, zal bij hen wonen. Nooit meer zullen
ze honger lijden, nooit meer dorst hebben, de zon zal niet op hen
branden, geen hitte zal hen kwellen, want het Lam op de troon zal hun
herder zijn en hen leiden naar de waterbronnen van het leven, en God
zal elke traan uit hun ogen wissen.’
De mensen
die de grote verdrukking hebben doorstaan, zijn mensen die ook de
laatste helft van de verdrukkingperiode op aarde hebben moeten
verduren (zie 'Wat volgt? -
Hoofdstuk
4-2' ).
|
|
[top]
|
|
HET ZEVENDE ZEGEL
- DE BAZUINEN
Het zevende zegel
houdt in dat er zeven bazuinen komen, die één voor één zullen
volgen.
Dat kun je lezen
in: Openb 8: 1, 2 (GNB)
Toen het Lam het zevende zegel verbrak, viel er een stilte in de
hemel, wel een half uur lang. En ik zag de zeven engelen die voor God
stonden, zij kregen zeven bazuinen.
De eerste bazuin:
Openb 8: 6, 7 (GNB)
En de zeven engelen met de zeven bazuinen maakten zich op om de bazuin
te blazen. En de eerste engel blies op zijn bazuin, en er kwam hagel
en vuur, gemengd met bloed, en het werd op de aarde geworpen. Een
derde deel van de aarde en een derde deel van de bomen gingen in
vlammen op, en ook al het groene gras.
De tweede bazuin:
Openb 8: 8, 9 (GNB)
En de tweede engel blies op zijn bazuin, en iets als een grote berg
waar de vlammen uitsloegen, werd in zee gegooid. Een derde deel van de
zee veranderde in bloed, een derde deel van alle zeedieren ging dood,
en een derde deel van de schepen verging.
De derde bazuin
– bitter water: Openb 8: 10, 11 (GNB)
En de derde engel blies op zijn bazuin, en uit de hemel viel een grote
ster die brandde als een fakkel. Zij kwam neer op een derde deel van
de rivieren en op de waterbronnen. De naam van de ster is: Alsem. Een
derde deel van het water veranderde in bittere alsem, en veel mensen
gingen dood doordat het water bitter was geworden.
De vierde bazuin
– minder licht: Openb 8: 12 (GNB)
De vierde engel blies op zijn bazuin, en een derde deel van de zon,
een derde deel van de maan en een derde deel van de sterren werden
getroffen. Zij verloren een derde deel van hun glans zodat een derde
deel van de dag geen licht had, en ook een derde deel van de nacht.
De vijfde bazuin
– vijf maanden lang ‘bovennatuurlijke sprinkhanen’:
Openb 9: 1 t/m 10
(GNB) En de vijfde engel blies op zijn bazuin, en ik zag dat er uit de
hemel een ster op aarde was gevallen. Die ster kreeg de sleutel van de
schacht naar de afgrond. Toen zij die daarmee opende, steeg er rook op
uit de schacht, als rook uit een grote oven; de zon en de lucht werden
erdoor verduisterd. Uit de rook kwamen sprinkhanen op de aarde neer
die evenveel kracht kregen als de schorpioenen op aarde hebben. Hun
werd gezegd geen schade toe te brengen aan al het groen op aarde, het
gras en de bomen, maar alleen aan de mensen die niet het zegel van God
op hun voorhoofd droegen. Ze mochten hen niet doden, ze moesten hen
pijnigen, vijf maanden lang. En de pijn die ze veroorzaakten was even
erg als de pijn van een schorpioenensteek. In die tijd zullen de
mensen de dood zoeken maar hem niet vinden; ze zullen willen sterven,
maar de dood ontloopt hen. De sprinkhanen zagen eruit als paarden die
klaarstaan voor de strijd. Op hun koppen droegen ze zoiets als gouden
kronen. Ze hadden een gezicht als van een mens en haren als van een
vrouw en tanden als van een leeuw. Hun borstschilden waren als ijzer
en het gedruis van hun vleugels klonk als dat van strijdwagens met
veel paarden ervoor. Ze hadden een staart en een angel als die van een
schorpioen, en in hun staart zat de kracht om de mensen schade toe te
brengen, vijf maanden lang.
Met ‘de schacht
naar de afgrond’ wordt ‘de diepe put’ bedoeld (een afdeling in
het dodenrijk). Dit wordt duidelijk door de originele bijbeltekst (in
het grieks), daar staat ‘abussos’ (Lees meer over dood en
dodenrijk) Hierdoor wordt bij sprinkhanen gedacht aan
bovennatuurlijke sprinkhanen, demonische machten.
De zesde bazuin
– een derde deel van de mensheid gedood:
Openb 9: 13 t/m
19 (GNB) En de zesde engel blies op zijn bazuin, en uit de vier hoeken
van het gouden altaar dat voor God staat, hoorde ik een stem tegen de
zesde engel met de bazuin zeggen: ‘Laat de vier engelen los die
vastzitten bij de grote rivier de Eufraat.’ De engelen werden
losgelaten; ze waren gereedgehouden om op het uur van een zekere dag
in een bepaalde maand en in een bepaald jaar een derde deel van de
mensheid te doden. Ik hoorde het aantal bereden troepen noemen; het
bedroeg tweemaal tienduizend keer tienduizenden. In dat visioen zag ik
de paarden en hun berijders: ze droegen harnassen die vuurrood,
hyacintblauw en zwavelgeel waren. De koppen van hun paarden leken op
die van leeuwen en uit hun bekken kwamen vuur, rook en zwavel. Door
deze drie plagen: het vuur, de rook en de zwavel die uit hun bek
kwamen, vond een derde deel van de mensen de dood. De kracht van de
paarden zit in hun bek en ook in hun staart. Hun staarten lijken
slangen met koppen, en daarmee brengen ze schade toe.
Heel de wereld
zal in deze tijd weten dat God bestaat, toch keren velen zich niet tot
Hem maar blijven ze hun eigen verlangens volgen. Dat is te lezen in:
Openb 9:
20, 21 En wie van de mensen overgebleven waren, die niet gedood waren
door deze plagen, bekeerden zich toch niet van de werken hunner
handen, om de boze geesten niet meer te aanbidden en de gouden,
zilveren, koperen, stenen en houten afgoden, die niet kunnen zien,
noch horen of gaan; en zij bekeerden zich niet van hun moorden, noch
van hun toverijen, noch
van hun hoererij, noch van hun dieverijen.
|
|
[top]
|
|
DE
TWEE GETUIGEN Er verschijnen in Jeruzalem twee getuigen. Zij
krijgen drieënhalf jaar (= 1260 dagen) bescherming van God, zodat
niemand hen iets kan aandoen. Ze vertellen de wereld over de Here
Jezus en hoe je je tot Hem kunt bekeren. Men denkt dat Elia en Mozes
of Henoch (mannen uit het Oude Testament/het eerste deel van de
bijbel) deze twee getuigen zijn, maar dat wordt niet echt duidelijk in
de bijbel. Je kunt over hen lezen in:
Openb 11: 3 En Ik
zal mijn twee getuigen lastgeven om, met een zak bekleed, te
profeteren, twaalfhonderd zestig dagen lang.
De twee getuigen
krijgen macht om grote tekenen te doen, gedurende die drieënhalf
jaar. Na deze periode geeft God de antichrist toestemming om hen te
doden. Ze liggen drie dagen dood in de straten van Jeruzalem. Men
viert feest over dit gebeuren. Maar…dan komt er weer een levensgeest
in hen en gaan ze, zichtbaar voor de mensen, naar de hemel. Dat is te
lezen in: Openb 11: 5 t/m12
(GNB) Als iemand hun kwaad wil doen, komt er uit hun mond vuur dat hun
vijanden verteert. Zo zal iedereen gedood worden die hun kwaad wil
doen. Ze bezitten de macht de hemel te sluiten, zodat er geen regen
valt in de tijd dat ze hun boodschap verkondigen. Ze hebben macht over
de waterstromen: ze kunnen het water in bloed veranderen. Ze kunnen de
aarde treffen met allerlei plagen, zo vaak zij dat wensen. Wanneer ze
hun taak als getuigen hebben volbracht, zal het beest dat uit de
afgrond opkomt de strijd met hen aanbinden. Het zal hen overwinnen en
doden. Hun lijken zullen op het plein liggen van de grote stad, die
symbolisch Sodom of Egypte heet, de stad waar ook hun Heer is
gekruisigd. Mensen uit alle volken en stammen, van alle talen en
rassen, komen naar hun lijken kijken, drie dagen en een halve dag. En
men zal beletten dat ze worden begraven. Zij die op de aarde wonen,
zijn blij over hun dood. Ze verheugen zich en sturen elkaar
geschenken, want deze twee profeten waren hun een kwelling. En ik zag
dat na die drie dagen en die halve dag de getuigen van God hun
levensadem terugkregen en dat ze opstonden. En grote angst overviel
allen die hen zagen. De twee getuigen hoorden een luide stem uit de
hemel tot hen zeggen: ‘Kom hierheen!’ En voor de ogen van hun
vijanden stegen ze in een wolk op naar de hemel.
Direct hierna
gebeurt in Jeruzalem het volgende:
Openb 11: 13 (GNB)
Op dat moment ontstond er een zware aardbeving; een tiende deel van de
stad stortte in en zevenduizend mensen vonden door de aardbeving de
dood. De overlevenden waren zeer bevreesd en gaven eer aan de God van
de hemel.
De zevende
bazuin: Openb 11: 15 (GNB)
En de zevende engel blies op zijn bazuin, en luide stemmen klonken er
in de hemel: ‘De wereldheerschappij is nu aan onze Heer en aan zijn
Gezalfde; hij zal regeren voor altijd, voor eeuwig!’
Openb 11:
19
(GNB)
De tempel van God, die in de hemel staat, ging open en men
kon in de tempel de verbondskist zien staan. Er volgden
bliksemflitsen, gerommel en donderslagen, een aardbeving en een zware
hagelbui.
De
dingen die hier beschreven staan, zijn vreselijke dingen. We vinden
het zelf ook verschrikkelijk. (Als je bovenstaande goed gelezen hebt,
dan merk je dat God het zelf ook verschrikkelijk vindt.) We schrijven dit zodat wanneer het daadwerkelijk plaatsvindt, je je
kunt voorbereiden en je tot geloof zult komen, omdat je dan zult
erkennen dat de bijbel echt waar is en dat Jezus echt bestaat. We
hopen en bidden dat wanneer je dit leest, je tot de erkenning zult
komen dat Jezus DE weg is tot verlossing en je Hem als zodanig zult
aannemen.
|
|
[<<
Hoofdstuk 3] [top] [Hoofdstuk
4-2 >>]
|
|
|